En toen... ging er opeens een lampje branden | Leef Intens

En toen… ging er opeens een lampje branden

Door Roel van Heel | begeleiden

feb 26

Kinderen onder de 7 jaar leven in een magische wereld. Papa is superman en kan alles! Papa is de beste van hele wereld! Mama is superwoman, de liefste en de mooiste ! Soms zitten we op een afstandje naar onze kinderen te kijken en bewonderen we ze. Want wij zijn net terug van een dag hard werken, en dan bewonderen we onze kinderen. Ze zijn nog zo onschuldig. Zo onbewust van de grote druk die op hun schouders komt te liggen als ze zelf een gezin krijgen en moeten zorgen dat er brood op de plank ligt. Soms zouden we willen… dat we ook heel even terug konden. Naar dat onbezorgde leventje.

Dan “opeens” wordt je kind 7. Ik zag het ook bij mijn eigen zoon. Een echte prikkelzoeker, heerlijk stoeien en onbezorgd spelen. Heerlijk druk doen, lang leve de lol. En toen opeens was het over. Zo leek het. Mijn zoon was opeens in de war. Want er veranderde opeens van alles. Opeens waren de vriendjes waarmee hij zo kon stoeien niet leuk meer. Het was opeens spannend in de klas. Opeens leek hij niet meer gelukkig.

Een donkere ruimte

Ik vergelijk dat magische moment in zijn leven altijd met een donkere ruimte. Je kind ziet alleen waar hij op dat moment mee bezig is. Hij staat in het spotlicht, maar ziet de rest van de ruimte om zich heen nog niet. Hij denkt wel te weten hoe de rest van de kamer er ongeveer uitziet, maar is er helemaal niet mee bezig. Dan wordt hij 7. En opeens gaat er een lampje branden die de hele kamer oplicht. Opeens ziet hij hoe zijn omgeving, de kamer, er echt uitziet. En vaak is dat toch heel anders dan dat hij verwacht had.

Zo ook bij mijn zoon. Het lampje gaat aan, en hij ziet opeens dat papa niet superman is. Papa is wel geweldig, maar papa heeft het ook moeilijk soms als hij net een hele dag gewerkt heeft. Mama is de nog steeds lief en mooi, maar mama zit er ook doorheen soms. Opa of oma is misschien ziek geweest of overleden. Opeens is je kind stil, en lijkt maar een ding te denken: “Oh”.

Alles is opeens anders

Op school is ook alles opeens anders. Als de juf de grote drukke groep moeilijk aankan, ziet hij dat opeens. Hij ziet haar emotie, die ze vrijwel meteen wegstopt. Opeens waren die stoere drukke vriendjes minder leuk. Want nu zag hij opeens de blikken van de andere kinderen die gekwetst werden door dat drukke gedrag, de kinderen die dat helemaal niet leuk vonden. Opeens ging hij denken… “Met dat gedrag kwets ik anderen. Wil ik me dan nog wel zo gedragen ?”. Hij sprak minder af met zijn vriendjes en was duidelijk op zoek naar antwoorden, voor zichzelf.

Deze fase kan behoorlijk confronterend zijn voor je kind. Sommige kinderen lijken zo intelligent, zo volwassen als ze deze leeftijd bereiken. Maar we vergeten soms dat ze nog steeds kinderen zijn. Mijn zoon ging toen hij 7 werd “opeens” op zoek naar zichzelf. Hij ging niet alleen anders tegen het leven aan kijken, tegen de delen van de kamer die hij nog niet zag, maar hij moest ook zichzelf opnieuw leren kennen.

Veel praten

Ik ben blij dat ik het op tijd zag. Ik heb veel met hem gepraat hierover. Dat het helemaal niet gek is dat hij dit nu meemaakt. Dat het mag, dat het kan. Dat hij nu op zoek is naar zijn echte ik. En dat er wel iets heel moois uit moet komen. Dat hij mag zijn wie hij graag wil zijn. Dat hij niet hoeft te zijn zoals alle andere kinderen in de klas, maar dat hij zijn eigen keuzes mag maken. Dat ik er voor hem ben, en klaar sta om hem te helpen. Dat zijn zus twee jaar geleden hetzelfde meemaakte. Dat ikzelf toen ik zijn leeftijd had, ook zo’n periode meemaakte. En zijn moeder ook. Ik ben met hem spelletjes gaan doen. Lijstjes maken. Wat vind ik leuk ? Wat vind ik niet leuk ? Zodoende zijn nieuwe grenzen leren kennen.

Van de week kwam hij thuis. Hij was boos. Want een andere jongen had van een veel kleinere jongen een balletje afgepakt en in de sloot gegooid. Mijn zoon zag het verdriet van de jongen en werd meteen heel boos. “Hoe kan hij dat nu doen ?”, riep hij boos. “Ik heb op het dak van de schuur nog wel een balletje liggen. Dan neem ik dat wel mee, en mag die jongen dat hebben!”, riep hij enthousiast. Hij is enorm bezig met zijn veranderde omgeving. Ik vertelde hem, dat die bewust kleine jongen, zijn vader bij zich had. Dat het hem enorm siert dat hij zo met die kleine jongen begaan is. Maar dat hij het ook mag loslaten. De vader van de jongen was erbij en is heel goed in staat om zijn eigen zoon te helpen. Het is niet het probleem van mijn zoon. Maar wel zo mooi dat hij er zo mee omgaat!

In deze zoektocht staat hij niet alleen

Het belangrijkste… blijft veel praten. Heel veel praten. Laten weten dat als hij niet goed kan slapen, hij altijd uit bed mag komen om even een knuffel te komen halen. Om even te praten wat hem bezig houdt. Om even later weer rustig in te slapen. Veel praten. En hem laten weten dat je er altijd voor hem bent. In deze zoektocht, staat hij niet alleen.

>