Saskia Klaaysen : te weinig uitdaging en te veel routine kan ook stress veroorzaken | deel 1

Saskia Klaaysen : te weinig uitdaging en te veel routine kan ook stress veroorzaken (deel 1)

Saskia Klaaysen begeleidt al bijna 10 jaar hooggevoelige mensen in haar praktijk. De mensen die ze daar begeleidt voldoen niet allemaal aan het rustzoekende karakter die in veel boeken beschreven wordt. Uit het onderzoek wat ze vervolgens deed ontdekte ze dat niet alle gevoelige mensen baat hebben bij het nemen van meer rust. Ze ontdekte dat de prikkelzoekende gevoelige persoon meer baat heeft bij diversiteit en afwisseling en ontwikkelde een aanpak die beter bij haar doelgroep past. Ze heeft er haar missie van gemaakt om de behoefte van de extraverte prikkelzoeker meer op de kaart te zetten en meer bekendheid te geven aan de manier waarop hij met onderprikkeling omgaat.

Ik zie mijn eigen gevoeligheid als een soort van complexe puzzel. Het puzzelstukje hooggevoelig vond ik al toen ik 26 was. Later kwamen daar voor mij nog vele puzzelstukjes bij. Prikkelmijdend zijn, prikkelzoekend zijn, in beelden denkend, hoogintelligentie, hoogbegaafdheid, allerlei puzzelstukjes die ik in mijn eigen puzzel kon toepassen of in de puzzel van mijn kinderen. Toen ik de blogs van Saskia las, om me voor te bereiden op dit interview, gingen er weer deuren open en gingen er diverse lampjes branden. Het beschreef nog meer wie ik was en waarom ik ben zoals ik ben. Het gaf me meteen al veel rust om te weten wat onderprikkeling is en welke rol het speelt in mijn leven. In dit interview vertelt Saskia openhartig over dit onderwerp.

Wie ben je en wat doe je ?

Ik ben Saskia Klaaysen. Ik ben getrouwd met Arne en samen hebben we 2 kinderen. Ik heb sinds 10 jaar een eigen coachingsbedrijf waarin ik hoogsensitieve mensen coach. De laatste jaren coach ik iets meer de prikkelzoekende mensen. Ik ben bestuurslid van de vereniging gezond denken en doen. We organiseren daar allerlei nascholingen voor therapeuten. Verder heb ik een gezin met twee jongens, een van 12 en een van 9. Ik hoop vaak nog wat tijd over te hebben voor andere dingen, maar ik moet eerlijk zeggen dat het er soms nog bij in schiet.

Hoe kwam je er zelf achter dat je hooggevoelig bent ?

Ik was toen 22 en had net mijn eerste baan. Voor mij was het al bekend dat ik vaak anders reageer dan anderen. Op scholen en bij vriendschappen was ik altijd wat emotioneler dan anderen. Ik maakte me druk waar anderen nonchalant overheen stapten en dacht veel na over het leven. Toen ik net aan het werk was liep ik tegen mijn eigen perfectionisme aan. Ik wilde heel graag voldoen aan de verwachtingen die de mensen om me heen hadden. Doordat ik tegen ontzettend veel dingen aanliep had ik op 23 jarige leeftijd mijn eerste burn-out te pakken. Ik was toen nog geen jaar aan het werk. Toen ik op zoek ging naar dingen die mij konden helpen, belandde ik in wat sommige mensen “de zweverige hoek” noemden. Daar heb ik geleerd hoe ik moet mediteren en hoe ik met mijn energie moest omgaan om mezelf wat rustiger te krijgen.  Ook was ik op zoek naar tools en handvatten die mij konden leren hoe ik minder last kon hebben van de verwachtingen van anderen, want dat had ik toen heel goed door.

“Toen ik het boek van Elaine Aron las, had ik tijdens de eerste helft van het boek een ‘hallelujah’ gevoel, dit ben ik ! Tijdens het lezen van de tweede helft heb ik het boek dichtgeklapt en weggelegd. Ik dacht : ‘dit ben ik niet !'”.

Saskia Klaaysen

In een coachingsessie die ik destijds volgde, stelde de coach mij de vraag of ik niet “gewoon hoogsensitief was”. Ik had nog nooit van die term gehoord. Het boek van Elaine Aron was net uit. Die ben ik gaan lezen. Tijdens de eerste helft van het boek had ik een “hallelujah” gevoel, dit ben ik ! Tijdens de tweede helft van het boek heb ik het boek dichtgeklapt en weggelegd. Toen had ik het gevoel : “dit ben ik niet !”. Het was zo beschreven vanuit het rustzoekers perspectief en het terugtrekken. Dat herkende ik niet in mezelf. Sindsdien wist ik wel dat ik hoogsensitief ben, maar hoe dat voor mij anders functioneert, dat begreep ik toen nog niet. Wat ik dan wel grappig vind is dat bijna alle prikkelzoekers die ik ken, het boek nooit uitgelezen hebben.

Had je toen ook een mismatch met de mensen om je heen ?

Ik had toen een enorme mismatch met dominante personen om me heen die hun wil aan mij op wilden leggen. Ik heb zelf een sterke eigen wil. Zolang ik het belang zie kan ik daarin mee gaan. Maar heel snel steekt mijn eigen wil de kop op, het niet willen accepteren van de hierarchie. Ik heb daar best wel wat problemen mee gehad. Gelukkig gaat dat nu een stuk beter.

Veel mensen zien gevoeligheid als iets negatiefs. Hoe kijk jij daar tegenaan ?

Toen ik in loondienst werkte heb ik nooit verteld dat ik hoogsensitief ben. In mijn derde baan mocht ik iets aan persoonlijke ontwikkeling doen. Ik heb toen het enneagram uitgekozen. Dat leek me heel boeiend. Het was heel confronterend, want binnen het enneagram had je ook nogal gevoelige typen. In mijn ogen kwam daar toen het meest extreme gevoelige type uit. Ik vond dat toen niet acceptabel en liep er voor weg. Toen ik dat vertelde aan een aantal mensen op mijn werk, vertelde mijn collega’s me dat ze al lang wisten dat ik hoogsensitief was. Dat was een enorme eye-opener voor me. Ook al zeg ik niet dat ik hoogsensitief ben, de mensen om me heen merken dat sowieso wel omdat ze mijn manier van empatisch zijn oppikken, de manier waarop ik gesprekken voerde met ondernemers, mijn verbindende manier van vergaderen en mijn emotionele manier van reageren. Het was voor mij meer een teken dat ik het zelf op dat moment nog niet accepteerde. Ik heb het in het begin mijn gevoeligheid altijd als valkuil gezien, er was niets leuk aan. Nu is het precies andersom.

“Ik heb vroeger mijn gevoeligheid altijd als een valkuil gezien, er was niets leuks aan. Nu is het precies andersom”

Saskia Klaaysen

Je beschrijft in je blogs dat je graag meer aandacht wil besteden aan de prikkelzoekers, de hoogintelligente en de extraverte hoogsensitief persoon. Waar komt die behoefte vandaan ?

Die behoefte komt uit mijn eigen zoektocht. Ik kon geen boeken vinden die deze groep mensen beschreef. De boeken die ik vond, gingen altijd over de hoogsensitieve persoon waarbij de prikkelzoekers in de zijlijn genoemd werden (30% van de hoogsensitieve medemens is prikkelzoekend). Ook werd de indruk gewekt dat prikkelzoekers altijd extraverte mensen zijn. Dat is gewoon niet zo. De mensen die ik spreek en die prikkelzoekend zijn herkennen zich niet in die boeken. Hetgeen er nu over geschreven wordt is heel summier. Ook Elaine Aron ging er later pas over schrijven. Ik merk dat veel prikkelzoekende hoogsensitieve mensen nog meer worstelen met acceptatie rondom hun hoogsensitiviteit, maar ook rondom de acceptatie van hun behoefte aan prikkels en dat dat af en toe niet matcht. Ze hebben dan allerlei nieuwe mechanismen aangeleerd, of hebben zichzelf geleerd om zich enorm aan te passen en daarbij hun prikkelzoekende kant te onderdrukken. Dat kost heel veel energie. Ik vind dat het tijd wordt dat hier ook aandacht voor komt.


“In veel boeken die ik vond werden prikkelzoekers meestal in de zijlijn genoemd. Ook werd de indruk gewekt dat prikkelzoekers altijd extraverte mensen zijn. Dat is gewoon niet zo. Ik vind dat het tijd wordt dat hier ook aandacht voor komt. “

Saskia Klaaysen

Wat is onderprikkeling nu precies en welke problemen ondervindt iemand die daar last van heeft ?

Onderprikkeling is een tekort aan mentaal emotionele prikkels. Je kan het heel sensorisch bekijken, dan heb je gewoon een zintuiglijke onderprikkeling. Dat valt niet onder mijn definitie van onderprikkeling. Ik heb het puur over de mentaal emotionele prikkels, prikkels die voedend zijn. Je kan kijken naar twee dingen bij de prikkelverwerking. Je hebt een bepaalde kwaliteit aan prikkels. Prikkels met een hoge kwaliteit zijn dan prikkels waar je blij van wordt. Hoe hoger de kwaliteit hoe blijer je bent, maar ook hoe meer zingeving je ervaart en hoeveel voldoening je ergens van krijgt. Als die kwaliteit afneemt, kun je down raken, chagrijnig en het gevoel krijgen dat het zinloos is allemaal. Naast de kwaliteit is het ook belangrijk om naar de intensiteit te kijken. Hoeveel prikkels kun je tegelijkertijd hebben ? Als je teveel neemt ga je richting overprikkeling, maar bij een tekort ga je naar onderprikkeling.

Bij een optimaal niveau aan prikkels is zowel de intensiteit als de kwaliteit optimaal en ben je happy. Je voelt je dan oké. Het kan zijn zijn dat de kwaliteit van de prikkel soms omlaag gaat en dat je dingen moet doen die je wat zinlozer vindt. Het kan ook zijn dat je het soms net iets te druk hebt. Op het moment dat de kwaliteit afneemt, raak je in de onderprikkeling. Als het chronisch wordt, schiet je in de bore-out. Er zijn twee soorten bore-outs. Bij de eerste vorm is er sprake van een lage intensiteit. Je hebt dan weinig prikkels, en de prikkels die je hebt zijn ook nog eens zinloos. Dit is de kwantitatieve bore out (beetje uit het raam staren, niets te doen). Maar er is nog een bore-out. Op het moment dat de intensiteit toeneemt en je het drukker krijgt, maar de kwaliteit van de prikkel neemt af, heb je een kwalitatieve bore-out. Je hebt het dan ontzettend druk en je moet heel veel, maar het lijkt voor jou heel zinloos. Onderprikkeling zit tussen het optimale niveau en de bore-out in. Wanneer je een burn-out hebt, heb je heel veel kwaliteit en heel veel intensiteit. Je schiet dan de overprikkeling in en komt dan in een burn-out terecht. Tussen de burn-out en de kwalitatieve bore-out zit een grijs, schimmig gebied. Het kan heel goed zijn dat je in je privé situatie in een burn-out zit vanwege bijvoorbeeld een sterfgeval in de familie of een scheiding, maar dat je op je werk in een bore-out zit. Die twee dingen kunnen heel goed naast elkaar bestaan.

“Onderprikkeling is niet meer uitgedaagd zijn, te veel routine, saaiheid te veel moeten. Het is een soort van lamlendigheid, jezelf niet meer kunnen motiveren. Je wordt niet meer gestimuleerd om nog iets te doen.”

Saskia Klaaysen

Sommige mensen zeggen wel eens dat onderprikkeling altijd verveling is. Ik vind dat te simplistisch gesteld. Het is meer niet meer uitgedaagd zijn, te veel routine, saaiheid, te veel moeten. Het is een soort van lamlendigheid, jezelf niet meer kunnen motiveren. Je wordt niet meer gestimuleerd om nog iets te doen. Daar kun je veel stress van krijgen omdat je weet dat je een bepaalde taak zou moeten doen maar dat het gewoon niet meer lukt.

Is onderprikkeling zoals jij dat bedoelt hetzelfde als hoe onderprikkeling gezien wordt vanuit de sensorische integratie ?

Sensorische integratie gaat echt over hoe prikkels in het brein worden verwerkt. Dan is er sprake van VIP prikkels en interessante prikkels. Prikkels kunnen dan steeds saaier worden, totdat je ze niet meer opmerkt. Wat ik daaruit heb meegenomen is dat je van nieuwe, uitdagende prikkels je enthousiast wordt. Dat noem ik ook VIP prikkels. De routine zijn de saaie prikkels, de terugkerende activiteiten, opvoeden, naar school gaan, totdat het weekend aanbreekt en je weer iets nieuws kan doen. Bij mij gaat het hoe je mentaal emotioneel reageert op de dingen die je doet. Uiteindelijk zijn het ook gevoelsprikkels, maar niet de tast of bewegingsprikkels. Er is wel een relatie. Als mijn kinderen of ik zwaar onderprikkeld zijn, dan helpt het wel om te gaan wandelen. Dan kun je je afvragen of het de beweging is van het wandelen die je brein weer wakker maakt, of dat het de beleving en de emoties zijn wanneer je weer buiten loopt. De nieuwe dingen die te zien zijn, de visuele prikkels. Er zijn ongetwijfeld een relatie zijn, maar ik heb voor mezelf een scheiding gemaakt. Alle prikkels zijn terug te voeren op zien, horen, bewegen, tast en ruiken. Hoe je ermee omgaat is een mentaal proces. Dat mentale proces is meer mijn vak dan het sensorische proces.

Kunnen alle mensen onderprikkeld zijn, of gebeurt dat alleen bij sommige mensen ?

Naar mijn mening kan iedereen onderprikkeld raken. Alleen de mate waarvan je er last van hebt kan verschillen. Een hoogsensitief persoon zal zijn prikkels op een dieper niveau verwerken en zal daar extra over gaan nadenken. Hij verbindt die prikkels dan weer met allerlei andere zaken, waardoor zijn prikkels intensere stress kunnen opleveren.

Is er een relatie tussen onderprikkeling en hoogsensitiviteit ?

Bij een hoogsensitief persoon is het risico op onderprikkeling vrij groot, omdat hij zijn informatie diepgaander verwerkt, daar inzichten mee op doet en omdat hij het belangrijk vindt om dat te kunnen. Wanneer er in je werk geen ruimte wordt geboden om met enige vrijheid en zelfstandigheid dingen uit te zoeken, kan dat heel frustrerend worden. Je bent dan misschien ontevreden over het werk wat je doet, maar je moet wel, want de declarabele uren zijn op of het moet binnen een bepaalde termijn. Je weet dan dat je er niet alles uit hebt gehaald. Intellectueel kan dat een dooddoener zijn omdat je gefascineerd bent over het onderwerp en iets goeds neer wil zetten.

“Onderprikkeling steekt bij de hoogintelligente hoogsensitieve persoon sneller de kop op, zeker bij het werk.”

Saskia Klaaysen

Vergaderingen zullen dan sneller als oppervlakkig worden ervaren, je hoort dan allemaal dingen die je al twintig keer hebt bedacht. Je vraagt je af waarom andere mensen dat niet zien. Je wil het graag anders doen dan het vaste protocol. Het kan heel onbevredigend zijn voor jezelf omdat je het gevoel hebt dat je tijd aan het verspillen bent.
Ik heb er zelf op een gegeven moment een sport van gemaakt om kritische vragen te stellen zodat mijn collega’s dan zelf dat denkproces in kunnen gaan. Onderprikkeling steekt bij de hoogintelligente hoogsensitieve persoon sneller de kop op, zeker bij het werk.

“Sinds ik ook andere mensen ken, die ook dieper nadenken over wat ze doen en hoe je ermee kan werken, kan ik beter gesprekken voeren over de appeltaart bij de Lidl.”

Saskia Klaaysen

Maar ook bij verjaardagsvisites. Als je niet genoeg mensen uit je omgeving hebt die de andere kanten van je uitdagen, kunnen discussies op die verjaardag als vrij zinloos overkomen. Sinds ik ook andere mensen ken, die ook dieper nadenken over wat ze doen en hoe je ermee kan werken, kan ik beter gesprekken voeren over de appeltaart bij de Lidl. Ik kan tegenwoordig heel makkelijk over koetjes en kalfjes praten omdat er in de rest van mijn leven genoeg momenten zijn dat ik wel wordt uitgedaagd.

einde deel 1

Tijdens het interview ontdekte ik dat ik persoonlijk zoveel raakvlakken had met dit onderwerp. Saskia’s verhaal bevestigde voor mij wat ik al lang dacht… namelijk dat mijn burn-out achteraf helemaal geen burn-out was, maar een bore-out. Voor mij hielp het enorm om beter te kunnen zien wanneer je overprikkeld bent en wanneer je onderprikkeld bent. Toen ik dezelfde avond een gesprek voerde met mijn prikkelzoekende zoon, viel er ook voor hem veel op zijn plek. Het verklaarde voor hem waarom hij het playmobil huis wat hij met mama had gemaakt na twee dagen niet meer zo leuk vond. Maar ik mocht het niet afbreken, want hij had er zo’n leuke herinneringen aan. Dat mijn zoon niet overprikkeld is, maar onderprikkeld, gaf hem ook mooie inzichten. Het leverde ons een mooi gesprek op waar ik nog met veel plezier aan terugdenk.

lees deel 2

Masterclass !

Binnenkort geeft Saskia ok een masterclass over dit onderwerp ! Jij kan dan je eigen vragen aan Saskia stellen. Reserveer alvast je plek door op de onderstaande knop te klikken.

ja, reserveer mijn plek !

Meld je aan !
Meld je nu aan en mis geen waardevolle tips uit onze praktijk die niet alleen jou maar je hele gezin meer rust en harmonie kunnen brengen !

>